01-10-07

De Beurs

We leven in een kapitalistische maatschappij waar geld als het hoogste goed wordt aanzien. Zoals we reeds zagen in de artikelenreeks over Democratie wordt het westen ook geregeerd door het geld. Niet voor niets gebruikte ik de term “plutocratie”.

Het zal dan ook geen verwondering wekken dat dit grootkapitaal er alles aan doet om zo aan weinig mogelijk regels onderworpen te zijn. Adam Smith’s “Laisser passer”, voor het eerst als idee opgeworpen door Quesnay, is dan ook het belangrijkste artikel uit hun catechismus. En vermits ze de macht hebben om elke weerstand te breken is dit ook nog steeds de leidraad voor veel regeringen, dat van Bush op kop.

Dat “de gewone man” hier niks bij te winnen heeft is hoeft weinig betoog, want tenslotte zal dit extreme en sociaal niet gecorrigeerde kapitalisme voor hem een uiterst pervers systeem blijken te zijn. Hij heeft geen enkele mogelijkheid om eraan te ontsnappen en vaak zal aan zijn levensstandaard geknaagd worden om die van de echt grote garnalen nog wat groter te maken. Solidariteit is in deze keiharde wereld niet op haar plaats, hoogstens wat “goede werken” waarmee de hogere burgerij haar geweten sust, de lagere klassen overtuigt dat ze het niet zo slecht meent en zichzelf wijsmaakt dat hun nut in de maatschappij niet te onderschatten is.

Nu is het wel zo dat ook “jan met de pet” meegeniet wanneer de economie goed draait, maar hij is de eerste om in te leveren als het een beetje moeilijk loopt. Een deel van dit “meegenieten” heeft de vorm van beleggingsfondsen waarin hij zijn geld kan steken. Alleen : eens eringestapt (tegen niet onaanzienlijke kost) kan hij er bijna niet meer uit en moet hij meerijden op de roetsbaan van de beursbewegingen.

En iedereen die zo’n fonds kocht of ooit op de beurs is geweest weet dat hier vaak enorme verliezen worden behaald. Theoretisch is de waarde van een aandeel afhankelijk van de gezondheid van het bedrijf maar iedereen die wat van economie kent weet dat de beurs één grote loterij is en dat koersmanipulatie er regelmatig voorkomt.

Of zijn we de tijd al vergeten toen het door de dekolonialisatie waardeloos geworden aandeel van Union Minière plots omhoogschoot op de beurs om enkele insiders toe te laten hun aandelen nog aan een goede prijs van de hand te doen. Erna zakte het terug tot bijna niets maar de Generale Maatschappij had ondertussen wel een goede zaak gedaan. En gezien haar grote invloed in politiek en gerecht hoefden ze helemaal niet bang te zijn voor vervolging wegens “inside informatie”.

Net zomin geeft een aandeel al lang niet meer weer of een bedrijf gezond is of niet. Hoe kan anders het débâcle van Lernout en Hauspie verklaard worden ? Prachtige koers, maar een hol vat. Of het succes van Fried Air, een totaal onbestaande maatschappij die toch ettelijke miljoenen dollars binnenhaalde met de verkoop van aandelen zonder enig actief dat deze aandelen moest dekken. De kuddegeest van de mens/beursspeler volstond om, ééns de eerste over de brug, de anderen mekkerend te laten volgen.

De beurs is dus een speelplein voor avonturiers maar zeker geen economisch instituut. En ze is er steeds in geslaagd om zich te onttrekken aan elke belangrijke ingreep die speculatie veiliger moest maken. Infeite is ze steeds blijven steken in de werkmethodes en de mentaliteit van de South See Bubble, Law’s “Systeem” en de Nederlandse Tulpenrage, 3 speculatiegolven die massa’s mensen stinkend rijk hebben gemaakt maar er evenveel totaal geruineerd hebben. De speculatie op informatica-aandelen op de Amerikaanse Nasdaq is een laatste grote collaps van een beurs.

De beurscrashes volgen elkaar dan ook op met een korte tussentijd en zijn zo zeker dat het zowat het enige is waar men op de beurs echt kan op rekenen. Elke generatie kent dan ook zijn grote crashes en elke generatie heeft zijn massa mensen die geld verliest op de beurs.

Nochtans heeft geen enkel land de moed om deze mensen te beschermen, laat staan de beurs zwaar te reglementeren. Waarom ? Ik weet het niet maar ik ben er zeker van dat deze “vrijheid” in de kaart speelt van enkele echt grote kapitalisten die wel steeds “juist op tijd” hun winst zullen genomen hebben voordat het echt tot een val komt. Het is het kleine grut dat betaalt, dat met waardeloze aandelen blijft zitten of zijn fonds ziet kelderen.

Want laten we eerlijk zijn, hoeveel druk werd en wordt er in banken niet gezet op de verkoop van deze fondsen ? Hoeveel mensen kregen er niet te horen dat “de beurs gaat omhoog, je kan er niet op verliezen”. En hoeveel mensen zijn hun spaargeld voor een groot deel kwijtgeraakt doordat ze niet konden ontsnappen uit een fonds dat elke dag lager noteerde ?

Waarom willen banken bijna alleen nog fondsen verkopen, goed wetende dat spaarbons en staatsleningen een veel veiliger belegging zijn. Wie raakt er als gewone man in de straat nog wijs uit de complexe structuur van een nieuw fonds dat op de markt komt.

Vandaag maakt Fortis bv reclame voor een fonds dat “start met 8% na 4 maanden op de helft van je belegging”, waar dan in kleine lettertjes een nog veel onbegrijpelijker tekst onder staat die veel lagere cijfers hanteert. Begrijpt u er iets van ? Ik niet eerlijk gezegd.

De meeste mensen geven dan ook vertrouwen aan hun bankdirecteur wanneer deze hen iets aanraadt, maar ze vergeten dat die man evenmin als zijn werkgever ook maar de minste interesse opbrengt voor de afloop van de zaak. Wat hen interesseert is vandaag zoveel mogelijk verkopen van dat product dat het bedrijf op dat moment absoluut wil slijten. Dat is wat haar het meeste opbrengt (vaak onder de vorm van hoge beheerskosten) maar zelden of nooit wat het meest interessant is voor de belegger. En de directeur die denkt enkel aan zijn commissie en zal daarop zijn focus richten. Kortom, de bank is zowat de laatste waar je goede raad kan krijgen als je een som geld te beleggen hebt.

Iedere econoom weet dat aandelen kopen met geleend geld tot een schuldcrisis leidt. Elke econoom weet dat bomen niet tot in de hemel groeien en dat de beurs regelmatig inzakt als de soufflé die hij infeite ook is : een opgeblazen buil massahysterie. Banken werken die op de koop toe nog in de hand want zonder voortdurende verkoop stort het mechanisme in elkaar. Ze zijn dan ook medeplichtig aan deze geïnstitutionaliseerde vorm van oplichterij.

Waar pyramidespelen wettelijk verboden zijn omdat vroeg of laat er niemand meer is om de pyramide verder te zetten, de beurs die volgens ditzelfde principe handelt wordt niets in de weg gelegd. Té grote koersschommelingen worden opgevangen doordat het aandeel geschorst wordt, maar dat is maar een tijdelijke maatregel. De grote beleggers zijn immers tegen dan al lang langs de kassa gepasseerd, het zijn enkel de kleine garnalen die hun waardeloze aandelen niet meer aan de straatstenen kwijtkunnen.

De enige maatregel die ooit werd genomen om de “belegger te beschermen” speelt dan ook tegen hem. Veel eerlijker zou zijn dat er een grens wordt gelegd op het aantal aandelen dat iedereen mag verhandelen op zo’n moment. Maar dat komt er nooit door want dat zou de kleine man teveel bevoordelen.

Immers : iemand moet toch betalen en de man met het grote geld zal dat zeker niet zijn. Daar zal hij zelf wel voor zorgen. En ondertussen zal kleine Jan wel zijn spaarcentjes naar de bank brengen en deze zal het “goed beleggen” in fondsen waarvan niemand kon voorzien “wat de beurs ermee ging doen”. Kortom, kleine Jan is veroordeeld om ofwel zijn inhaligheid om snel rijk te worden in te perken, zijn bankdirecteur wandelen te sturen en voor veiliger beleggingen te kiezen, ofwel om regelmatig al zijn spaargeld te zien vervliegen. Want hoe u het ook draait of keert : zijn verlies is andermans winst. Want ook dat is de beurs :er is altijd een verliezer en altijd een winnaar.

19:30 Gepost door Dwarsligger in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.